Niet bekend Details Over slotenmaker Bever

Met deze zijde van de Oude Delft woonde ook een rector met een Omvangrijke ofwel Latijnse De kleuterschool, Magister Jacobus Lassonius, die in ons ‘Stadtshuys’ was gelogeerd, het vanwege ‘memorie’ staat uitgetrokken. Sedert Mei 1596 tot ‘Rectoir’ wegens de tijd met negen jaren aangenomen, genoot hij, behalve vrije woonhuis, ons ‘jairlix wedde ofte gaige’ over f 700 ‘tot XX stuvers den gulden.’ Ook had deze ‘voort vervoeren betreffende hem en een sijne familie’ onthalen een som met f 50 weleens, terwijl hem tevens ‘vrijdomme van alle der Stadtsacchysen’ vanwege bestaan man, bestaan familie en com­mensalen, ‘wesende Studenten inder schoole deser Stadt’ werd verleend. Een ‘stadtshuysinge’, waar zijn prede­cesseurs in gewoond hadden, werden een rector, zijn gezin en een ‘commensalen, welke deze inde cost nemen sall’.

Ettelijke huizen nader woonde in dit achterhuis over ons brouwersknecht, wiens eigendom dit was, Neeltjen betreffende Roosendael, welke zodra ‘craembewaerster’ in het register geboekt staat.

Een meeste dier bedrijven worden meteen alsnog uitgeoefend, doch vele zijn mettertijd, tegelijk met dit verval der takken van nijverheid, die hunne hulp behoefden, allengs verdwenen en teniet gegaan.

Om vanwege buitenstaanders onbegrijpelijke lokale politieke oorzaken dreigt ons jong museum ten bij te kunnen, een museum waarvoor intussen een breed plaatselijk, regionaal, landelijk en internationaal draagvlak kan zijn opkomen.

Sasbout’, welke vóór een inlevering over dit kohier een woning van een secretaris betrok. Via de verbouwing, die daar ter plaatse is geschied, verdween het woonhuis, het weleens een bakermat bevatte van hem op wie met inzet is: "Hier rees de Groote zon en ging te Rostock onder"

Voorts ons woonhuis betreffende de naam ‘Inde Kolff’, dat de bewoner over dit gilde met St. Nicolaas had gehuurd. (Dit woonhuis waar sinds 1641 2 gekruisde kolven prijken, werden in 1882 bewoond door stoffeerder Forma.) In dit Coomanskolf ofwel het Keysers Hof kwamen een broeders met dit St. Nicolaas- ofwel koopmansgilde 's avonds bijeen teneinde aan de belangen met het koopmanschap aangaande gedachten te wisselen en ‘in minne versaemt’ bij ons kanne oud-Delfs te ‘colfferen’.

Een Kloksteeg breekt de wandeling langs het Oude Delft voor een poosje af. Tussen de vele korte huisjes, waaruit zij wegens­immers bestond, werden daar wel 8 ‘pro Deo’ (teneinde ook niet) bewoond door arme weduwen, schoenlappers, enz., die ook op een vest aan het eind met een steeg kosteloos huisvesting vonden.

Bijvoorbeeld over oudsher en overal, gaat een barbiers­webwinkel over mr. Jacob wel tevens een regio bestaan geweest, waar de nieuwtjes en praatjes betreffende een dag werden besproken en uitgebroed. Een ‘Handelsblad’ en een ‘Nieuws over de Dag’ (kranten uit 1882)

Naast de brandewijnstoker woonde een pasteibakker, welke met een paar ovens werkte. Aansluitend alweer een koekbakker, de 2e in welke buurt. Verder nog een lakenbereider of drapenier, die een Delfse industrie uitoefende, waarvan een laatste sporen enige jaren geleden zijn verdwenen.

Behalve de winkel over Cornelis Jansz Vennecool, welke ‘boucbinder’ wordt bekijk hier genoemd, trekt in deze straat niks bijzonders verdere de toewijding, noch hetgeen de bewoners, noch wat de gevelstenen of de uithangtekens betreft.

Voor dit neem een kijkje van de kwartiermeesters moest hij het dan ook een aangifte over het reeks stookplaatsen met zijn huisvrouw opdragen, daar deze alleen afwezig was.

Vermoedelijk was hij ‘uitgeknipt’,  bijvoorbeeld wijlen Betreffende Lennep het uitdrukte, en had hij betreffende zijn ambacht zoveel verdiend dat deze bovendien bestaan ledige tijd aan Apollo kon wijden en daarmee in de nabijheid een bijnaam ‘een pijper’ had gekregen, omdat deze zo virtuoos op de ‘pijpe’ of ‘fluite’ speelde.

Op de zuidoosthoek van de Kloksteeg woonde in 1600 Jan Cornelisz, wiens brouwerij ‘Inde Clock’ heette en tegelijk de steeg hoofdhaar naam gaf. Ons reeks aangaande deftige herenhuizen volgde op evengenoemde woning. In het begin die over mr. Pieter betreffende der Verdere ‘pensionaris deser stadt’, wiens portret via Willem Jacobsz. Delff, een bekende plaatsnijder, naar het schilderij over zijn schoonvader, Michiel Johannes betreffende Mierevelt, in koper werden gegraveerd, destijds welke overheidspersoon een ouderdom aangaande 76 jaren had bereikt.

Het noordelijke stuk aangaande een oostzijde aangaande een Voorstraat –oudtijds ‘de Nieuwe Delft’ geheten -viel onder het iemand anders stadskwartier

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

Comments on “Niet bekend Details Over slotenmaker Bever”

Leave a Reply

Gravatar